Van vet word je dik

Van vet word je dik?

Heel veel mensen denken nog steeds dat je van vet eten te zwaar wordt. Vet heeft, door de jaren heen, (helaas) geen goede naam opgebouwd.

Als eerst even de verschillen tussen de soorten vetten. Er komen 3 soorten vetten voor in onze voeding. Dit zijn de verzadigde vetten en de onverzadigde vetten (de O van OK!). En dan zijn er ook nog de fabrieksmatige vetten, dit zijn de zogenaamde transvetten.

Verzadigde vetten zijn niet goed voor de gezondheid. Mensen die teveel verzadigde vetten uit hun voeding binnen krijgen, lopen een hoger risico op het krijgen van hart- en vaatziekten en een te hoog cholesterol gehalte in het bloed. Verzadigde vetten komen o.a. voor in snacks, bewerkte vleessoorten, volle zuivelproducten, kaas en roomboter.

Onverzadigde vetten zijn daarentegen bevorderlijk voor de gezondheid en bevatten essentiële vetzuren en vitamines die het lichaam nodig heeft om goed te kunnen functioneren. Daarbij kunnen ze het cholesterol gehalte in het bloed omlaag brengen. Onverzadigde vetten zitten in plantaardige oliën zoals olijfolie, ongebrande noten en zaden en vette vissoorten zoals haring, zalm en makreel.

Transvetten zijn fabrieksmatige, geharde vetten die net als verzadigde vetten zorgen voor een hoger cholesterol gehalte in het bloed, maar die wel een hoger risico geven op het krijgen van hart- en vaatziekten. De Richtlijnen Goede Voeding adviseert mensen daarom om het liefst helemaal niets of anders zo min mogelijk transvet te nemen. Transvetten komen onder andere veel voor in hartige snacks, koek, snoep, gebak, sauzen, chips en borrelnootjes.

Een feit is dat vet een hoop kilocalorieën per gram bevat. Meer als koolhydraten en eiwitten. Vet bevat 9 kcal per gram tegenover 4 kcal per gram koolhydraten of eiwitten. Het is dus waar dat je bij het eten van teveel vetten, sneller aan een hogere calorie inname zit. Maar van vet eten word je niet perse zwaarder. Het gaat er namelijk om hoeveel energie je dagelijkse voeding levert en of je energie-inname en energieverbruik in balans zijn. Zou je meer koolhydraten of eiwitten eten dan nodig, dan zal dit, net als bij teveel vetten, leiden tot gewichtstoename. 

Niet alle vetten zorgen dus voor een hoog cholesterol gehalte in het bloed. Onverzadigde vetten zorgen namelijk voor een lager LDL-cholesterol gehalte. LDL-cholesterol is slecht voor je bloedvaten en verhoogd de kans op hart- en vaatziekten. Belangrijk is dus om, van de totale dagelijkse behoefte aan vetten, zoveel mogelijk onverzadigde vetten te nemen. Het is niet mogelijk om alle verzadigde vetten uit je voeding te schrappen. Alle producten die vet bevatten, zijn namelijk altijd een combinatie van verzadigde en onverzadigde vetten. Kies producten waarvan het grootste gedeelte bestaat uit onverzadigde vetten!

Vetten zijn essentieel voor een goede gezondheid. Ze zijn bouwstenen van alle celmembranen in ons lichaam. Ze voorzien ons lichaam van energie, beschermen onze organen en houden ons lichaam warm. Daarbij voorzien ze ons van verschillende vitamines. 

Probeer om zoveel mogelijk de verzadigde vetten te vervangen voor onverzadigde vetten. Hoe? Vervang roomboter en andere harde bak- en braadvetten voor halvarine en vloeibare vetten. Kies voor plantaardige oliën zoals olijfolie en zonnebloemolie. Vervang volle zuivelproducten voor de halfvolle of magere varianten en kies ipv varkensvlees voor mager rundvlees, vis of kip. Doe ook eens op brood: een makreel filet, een plakje zalm, magere 20+ of 30+ kaas, hüttenkäse, avocado, wat notenpasta, groente of fruit.

En vermijd transvetten! Transvetten zijn de grote boosdoeners. Vervang snacks en tussendoortjes zoals koek en snoep voor gezondere varianten zoals fruit en snackgroentes.